Hadith an-Nawawi 2

· bijgewerkt

De hadith van Djibriel: een man in witte kleding vraagt de Profeet ﷺ naar islam, imaan, ihsaan en het Uur. Hadith 2 van de 40 van an-Nawawi.

Alle collecties en onderwerpen 42

“Toen wij op een dag bij de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zaten, verscheen er een man voor ons met melkwitte kleding en gitzwart haar. Er was geen teken van het reizen aan hem af te zien en niemand van ons kende hem. Hij ging voor de Profeet (vrede zij met hem) zitten, plaatste zijn knieën tegen zijn knieën, legde zijn handen op zijn dijen en zei: “O Mohammed, licht mij in over (de betekenis van) de Islam.” De Profeet (vrede zij met hem) antwoordde: “De Islam houdt in dat je getuigt dat niets of niemand het recht heeft aanbeden te worden, behalve Allah, en dat Mohammed de Boodschapper is van Allah, (en) dat je het gebed onderhoudt, (en) dat je de Zakaah (armenbelasting) uitgeeft en dat je (tijdens de maand) Ramadan vast en de Hadj (bedevaart) naar het huis (de Ka’bah in Mekka) verricht, indien je daartoe in staat bent.” Hierop zei hij: “Je hebt juist gesproken.” Wij waren verbaasd dat hij hem (eerst iets) vroeg en (daarna zijn antwoord) goedkeurde. Daarna vroeg hij: “Bericht mij over (de betekenis van) Imaan.” Hij (de Profeet) antwoordde: “Dat je gelooft in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken, Zijn Boodschappers, de laatste dag en dat je gelooft in de Voorbeschikking, zowel het goede ervan als het slechte.” Hij zei: “Je hebt juist gesproken.” Hij vroeg (vervolgens): “Bericht mij over (de betekenis van) Ihsaan.” Hij antwoordde: “Dat je Allah aanbidt alsof je Hem ziet, en als je Hem niet ziet, dan ziet Hij jou wel.” Hij (de man) vroeg: “Bericht mij over het (laatste) Uur.” (De Profeet) antwoordde: “Daarover heeft de ondervraagde niet meer kennis dan de vrager.” Toen vroeg hij: “Vertel me dan over de tekenen ervan.” Hij antwoordde: “Dat de slavin haar meesteres zal baren en dat je ziet dat blootsvoetse, naakte en behoeftige schapenhoeders wedijveren in het bouwen van hoge gebouwen.” Hierna ging hij (de man) weg en ik (‘Omar) bleef enige tijd zitten. Toen vroeg hij (de Profeet): “O ‘Omar, weet jij wie die vrager was?” Ik antwoordde: “Allah en Zijn Boodschapper weten het het best.” Hij zei: “Dat was Djibriel, hij kwam om jullie (over) jullie geloof te leren.”

Gezegd door: de leider der gelovigen, Aboe Hafs, ‘Omar Ibn al Khattaab (radiAllahoe ‘anhu)

Collectie
40 Hadith Nawawi, nummer 2
Bron
Hadith an-Nawawi nummer 2, Sahieh Muslim