Hadith an-Nawawi 22
Een man vroeg de Profeet (vrede zij met hem): “Denkt u dat wanneer ik de voorgeschreven gebeden verricht, de (maand) Ramadan vast, mijzelf de toegestane zaken toesta en mijzelf de verboden zaken verbied en verder niets meer doe, ik dan het Paradijs binnentreed?” Hij zei: “Ja.”
Gezegd door: Aboe ‘Abdoellaah Djaabir ibnoe ‘Abdoellaah al-Ansaarie (radiAllahoe ‘anhoe)
- Collectie
- 40 Hadith Nawawi, nummer 22
- Bron
- Hadith an-Nawawi nummer 22, Sahieh Muslim