Hadith Qudsi 32

Alle collecties en onderwerpen 42

De Profeet (vrede zij met hem) zei: “Een man had grote zonden tegen zichzelf begaan, en toen de dood naderde, beval hij zijn zoons: ‘Als ik overleden ben, verbrand mij, vermaal mij dan en strooi (mijn as) in de zee, want, bij Allah, als mijn Heer mij te pakken krijgt, dan zal Hij mij op zo’n manier straffen als Hij niemand anders heeft gestraft.’ Dit deden zij met hem.
Toen zei Allah tegen de aarde: ‘Breng voort wat je hebt genomen’ – en daar was hij! En Hij (Allah) zei tegen hem: ‘Wat heeft jou ingegeven om te doen wat je deed?’ Hij zei: ‘Angst voor U, o mijn Heer’ (of hij zei: ‘Ik was bang voor U’), en om deze reden vergaf Hij hem.”

Gezegd door: Aboe Hoerayrah (radiAllahoe ‘anhu)

Collectie
40 Hadith Qudsi, nummer 32
Bron
Hadith Qudsi nummer 32, Sahieh al-Boekharie, Sahieh Muslim, an-Nasaa’i & Ibn Maadjah