Hadith Qudsi 34

Alle collecties en onderwerpen 42

Ik hoorde de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zeggen: “Allah zei: ‘O zoon van Adam, zolang je een beroep op Mij doet en Mij vraagt, zal Ik je vergeven voor wat je gedaan hebt, en Ik vind dat niet erg. O zoon van Adam, al reikten je zonden tot de wolken van de hemel, als je Mij om vergeving vroeg, zou Ik je vergeven. O zoon van Adam, als je tot Mij kwam met zonden die bijna zo groot als de aarde waren en als je Mij onder ogen zou komen, zonder Mij deelgenoten toe te schrijven, dan zou Ik je vergiffenis geven bijna zo groot als dat.’”

Gezegd door: Anas (radiAllahoe ‘anhu)

Collectie
40 Hadith Qudsi, nummer 34
Bron
Hadith Qudsi nummer 34, at-Tirmidhi & Ahmed ibn Hanbal