Het boze oog behandelen
Het boze oog en haar behandeling
Door: Shaykh Al-Islam Ibn al-Qayyim al-Jawziyya RahimahuAllaah. Bron: Zaad-oel-Ma’aad. Authenticatie gebaseerd op de werken van: Shaykh Mohammed Nasr ad-Din al-Albani
Bismillaahi-r Rahmaani-r Raheem Alle lof zij Allaah, wij smeken om Zijn hulp en Zijn vergeving. Bij Allaah zoeken wij onze toevlucht tegen het kwade van onze ziel en onze slechte daden. Wie door Allaah geleid wordt, kan niet op een dwaalspoor gebracht worden en wie door Allaah op een dwaalspoor gebracht wordt, kan door niemand geleid worden. Ik getuig dat geen godheid het waard is om aanbeden te worden behalve Allaah, De Enige die geen deelgenoten heeft, en dat Mohammed Zijn dienaar en Boodschapper is.
We beginnen In Shaa Allaah eerst met een aantal Ahadith van de Profeet (vrede zij met hem):
Ibn ‘Abbaas (radiAllahu ‘anhu) levert over dat de Boodschapper van Allaah (vrede zij met hem) gezegd heeft: ”Het boze oog is een werkelijkheid en als iets de voorbestemming vóór zou kunnen zijn, dan zou het wel het boze oog zijn.” [1]
Anas (radiAllahu ‘anhu) levert over: ”De Profeet (vrede zij met hem) heeft ar-Ruqya [2] toegestaan voor de giftige beet, het boze oog en eczeem.” [3]
Abu Hurayra (radiAllahu ‘anhu) levert over dat de Boodschapper van Allaah (vrede zij met hem) gezegd heeft: ”Het boze oog is een werkelijkheid.”
‘Aisha (radiAllahu ‘anha) levert over: ”Degene die aan de oorsprong lag van het boze oog, werd bevolen om zijn rituele wassing te verrichten en degene die erdoor getroffen werd, om zich met dat water te wassen.” [4]
‘Aisha (radiAllahu ‘anha) levert over: ”De Profeet (vrede zij met hem) heeft me bevolen, of heeft bevolen, om ar-Ruqya te verrichten tegen het boze oog.” [5]
‘Ubayd Ibn Rifa’a az-Zurqi levert over dat Asma’ Bint ‘Umays gezegd heeft: ”O Boodschapper van Allaah! De Banu Ja’far zijn getroffen door het boze oog. Moet ik ar-Ruqya uitvoeren op hen? Hij zei: Ja, als iets de voorbestemming vóór zou kunnen zijn, dan zou het wel het boze oog zijn.” [6]
Abu Umama Sahl Ibn Hunayf levert over: ‘Amir Ibn Rabi’a zag Sahl Ibn Hunayf zich wassen en hij zei: ”Bij Allaah! Ik heb nooit een gelijkaardige dag of een gelijkaardige huid als van een jong meisje gezien!” Sahl stortte in en de Boodschapper van Allaah (vrede zij met hem) kwam naar ‘Amir en zei hem op een kwade toon: ”Waarom doodt iemand van jullie zijn broeder? Waarom heb je niet om de zegening van Allaah gevraagd? Was jezelf voor hem.” ‘Amir waste toen zijn gezicht, zijn handen, zijn ellebogen, zijn knieën, de uiteinden van zijn benen en de binnenkant van zijn lendendoek in een kom. Daarna werd dit water over Sahl gegoten, die samen met de mensen vertrok.” [7]
Malik leverde deze hadith ook over, met de volgende toevoeging: ”Het boze oog is een werkelijkheid, verricht de rituele wassing voor hem.” En hij verrichtte zijn rituele wassing.” [8]
Ibn Tawus levert over van zijn vader dat de Profeet (vrede zij met hem) gezegd heeft: ”Het boze oog is een werkelijkheid en als iets de voorbestemming vóór zou kunnen zijn, dan zou het wel het boze oog zijn. En als iemand van jullie gevraagd wordt om zich te wassen, dan moet hij dat doen.” [9]
Het Boze Oog
Az-Zuhri heeft gezegd: ”Degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog, wordt bevolen om een kom te brengen. Hij moet zijn hand erin stoppen, zijn mond spoelen, en het water uitspugen in de kom. Dan moet hij zijn gezicht wassen in de kom, vervolgens met zijn linkerhand water scheppen uit de kom en het over zijn linkerknie gieten [waarna het water terug] in de kom [valt], vervolgens met zijn rechterhand water scheppen uit de kom en het over zijn rechterknie gieten [waarna het water terug] in de kom [valt]. Tot slot moet hij de binnenkant van zijn lendendoek wassen, zonder de kom op de grond te plaatsen, en daarna wordt dit water in één keer langs de achterkant van het hoofd gegoten van degene die getroffen is door het boze oog.”
Er bestaan twee soorten boze oog: het ene is afkomstig van de mensen en het andere van de duivels.
Umm Salama levert over dat de Profeet (vrede zij met hem) bij haar een dienster zag die een zwarte kleur (Safa) in haar gezicht had en hij zei: ”Verricht ar-Ruqya over haar, want ze heeft een abnormale kleur (an-Nazra).” [10]
Al-Husayn Ibn Mas’ud al-Fara’ heeft gezegd: ”Safa wijst op een abnormale kleur die afkomstig is van de jinn (nazra) [afgeleid van nazar, de blik]. Zo zegt hij: ze is getroffen door een blik [Nazar] van de jinn. Er wordt ook gezegd dat de ogen van de duivels doordringender zijn dan de punt van een lans.”
Jabir levert over dat de Boodschapper van Allaah (vrede zij met hem) gezegd heeft: ”Het boze oog leidt de mens naar zijn graf en de kameel naar de kookpot.” [11]
Abu Sa’id levert over: ”De Profeet (vrede zij met hem) zocht bescherming bij Allaah tegen de jinn en het boze oog van de mensen.” [12]
Een groep mensen met weinig kennis van de Teksten en de rede heeft het bestaan van het boze oog verworpen. Zij zeggen: ”Het zijn slechts illusies die geen enkele werkelijkheid vormen.” Zij behoren tot de mensen die het minst weten van de Teksten en de rede. Zij hebben de dikste sluiers en de meest troebele natuurlijke aard, en zij staan het verst af van de kennis van de zielen, de geesten, hun aard, hun handelingen en hun effect.
De verstandige mensen in de gemeenschappen – ongeacht hun godsdienst of hun credo – verwerpen en ontkennen het boze oog niet, ook al zijn ze het niet eens over de oorzaken en de gevolgen ervan.
Een groep heeft gezegd: als de ziel van degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog, zich aanpast aan deze slechte natuurlijke aard, dan welt er een giftige kracht op uit zijn oog. Die kracht gaat in de richting van degene die getroffen wordt door het boze oog, en zo treft het kwaad hem. Ze zeggen: dat valt niet te verwerpen. Het is net als de giftige kracht die opwelt bij de slang, die de mens treft en hem doodt. Dat is ook welbekend bij een bepaald soort schorpioenen: als ze hun blik op een persoon vastpinnen, sterft deze persoon. Hetzelfde geldt voor degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog.
Een andere groep heeft gezegd: het is niet onwaarschijnlijk dat er een fijne, onzichtbare substantie in het oog opwelt. Die treft een persoon, dringt binnen via de poriën van zijn lichaam en is schadelijk voor hem.
Een andere groep heeft gezegd: het is Allaah die aan kwalen schept wat Hij wil, op het moment dat de blik van degene die aan de oorsprong van het boze oog ligt, valt op de persoon die hij beoogt. Dat gebeurt dan zonder enige kracht die van hem uitgaat en zonder vooraf bestaande oorzaak of gevolg. Dat is het geloof van de mensen die de oorzaken, de krachten en de gevolgen in de wereld ontkennen. Ze hebben voor zichzelf de deur van de motieven, de gevolgen en de oorzaken gesloten en ze hebben zich verzet tegen alle verstandige personen.
Er is geen twijfel dat Allaah (Subhana wa Ta’ala) in de lichamen en de zielen verschillende krachten en natuurlijke aarden heeft geschapen, en in veel daarvan doeltreffende kenmerken en eigenschappen heeft geplaatst. Een verstandig persoon kan het effect van de geesten op het lichaam niet ontkennen, want het is zichtbaar en tastbaar. Je ziet hoe het gezicht erg rood wordt als iemand ernaar kijkt die schaamte en verlegenheid inboezemt. Het wordt ook erg geel als iemand ernaar kijkt die angst inboezemt. De mensen hebben gezien hoe personen ziek werden en hoe krachten verzwakten door een blik. Dit komt allemaal door de invloed van de zielen. Omdat de zielen sterk verbonden zijn met het oog, wordt de daad aan het oog toegeschreven. Toch heeft het oog niets gedaan: het is de ziel die handelt. De zielen verschillen in hun aard, krachten, eigenschappen en bijzonderheden. Zo schaadt de ziel van de jaloerse persoon duidelijk degene die benijd wordt. Daarom heeft Allaah (Subhana wa Ta’ala) Zijn Boodschapper (vrede zij met hem) bevolen om bij Hem bescherming te zoeken tegen het kwaad hiervan.
De invloed van de jaloerse persoon op het ongeluk van de benijde persoon wordt alleen ontkend door iemand die buiten de menselijke werkelijkheid leeft. Dat is de basis van de schade door het boze oog. De slechte en jaloerse ziel neemt namelijk een slechte aard aan wanneer ze de benijde persoon ontmoet, en door deze eigenschap heeft die aard invloed op die persoon. Het valt het best te vergelijken met een slang: het gif wordt met kracht binnenin de slang vastgehouden. Als hij dan zijn vijand ontmoet, welt er een geweldige kracht uit op en krijgt het gif een slechte en schadelijke aard. Sommigen hebben een aard die zo krachtig en groot is, dat ze een miskraam of blindheid kunnen veroorzaken. Zo heeft de Profeet (vrede zij met hem) gezegd over de slang met de gesneden staart en de slang met twee strepen: ”Ze veroorzaken blindheid en miskramen.” [13] Sommigen hebben invloed op de mens met alleen een blik, zonder direct contact. Dat komt door de kracht van het kwaad van deze ziel en haar doeltreffende slechte natuurlijke aard. Het effect is niet afhankelijk van lichamelijk contact, zoals de mensen denken die weinig kennis hebben van de natuurlijke aard en de Wetgeving. Maar het kan wel ontstaan door contact, een ontmoeting, een visioen, de ziel die zich richt op de persoon op wie ze kan inwerken, gedenkingsformules, ar-Ruqya, formules om bescherming te zoeken, illusies of verbeelding.
De invloed van de ziel van degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog, is niet beperkt tot de blik. Het kan namelijk om een blinde persoon gaan aan wie iets beschreven wordt, waarop zijn ziel dan invloed heeft zonder het te zien. Veel mensen die aan de oorsprong liggen van het boze oog, hebben invloed op degenen die ze beogen, zonder hen te zien. Allaah (Subhana wa Ta’ala) zegt tegen Zijn Profeet (vrede zij met hem):
”En bijna zouden degenen die niet geloven jou omverwerpen met hun blikken, wanneer zij de Koran horen. En zij zeggen: ”Voorwaar, hij is zeker bezeten!” [14]
Ook zegt Allaah (Subhana wa Ta’ala) het volgende:
”Zeg: ”Ik zoek bescherming bij de Heer van de dageraad, tegen het kwaad dat Hij geschapen heeft, tegen het kwaad van de donkere nacht wanneer hij aanbreekt, tegen het kwaad van degenen die op knopen blazen en tegen het kwaad van een jaloerse persoon wanneer hij jaloers is.” [15]
Elke persoon die aan de oorsprong ligt van het boze oog, is jaloers, maar niet elke jaloerse persoon ligt noodzakelijkerwijs aan de oorsprong van het boze oog. ‘De jaloerse persoon’ is een ruimere benaming dan ‘degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog’. Daarom omvat het zoeken van bescherming bij Allaah tegen de eerste des te meer ook de tweede. Het zijn pijlen die worden afgeschoten door de ziel van de jaloerse persoon of van degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog, in de richting van het doelwit. Soms treffen ze hem en soms missen ze hem. Als ze hem treffen terwijl hij onbeschermd is, zullen ze zeker invloed op hem hebben. Ze kunnen zelfs terugkeren naar degene die ze heeft afgeschoten, net zoals dat bij echte pijlen mogelijk is. De ene is afkomstig van de geesten en de zielen en de andere van de lichamen. Dit is niet alleen afkomstig van de zielen en de geesten, maar ook van de lichamen en de gestalten.
Smeekbeden tegen het Boze Oog
Het boze oog ontstaat uit de verbazing van degene die ervan aan de oorsprong ligt. Daarop volgt de slechte aard van zijn slechte ziel. Vervolgens maakt deze ziel gebruik van de blik die op het slachtoffer gericht wordt, om haar pijlen af te schieten. De mens kan het slachtoffer zijn van zijn eigen boze oog. Ook kan hij zonder het te willen, op natuurlijke wijze, aan de oorsprong liggen van het boze oog; dat is de laagste vorm van het menselijke boze oog. Onze metgezellen en andere rechtsgeleerden hebben gezegd: ”Degene die hierom bekendstaat, moet worden tegengehouden door de imam en hij moet hem zijn levensvoorzieningen garanderen tot aan zijn dood.” En dat is zonder twijfel de juiste mening.
De Profeet (vrede zij met hem) behandelde dit kwaad op verschillende manieren:
Sahl Ibn Hunayf levert over: ”We kwamen voorbij een waterloop en ik heb me erin gewassen, maar daarna kreeg ik koorts. Ze vertelden de Boodschapper van Allaah (vrede zij met hem) wat mij overkomen was en hij zei: ”Beveel Abu Thabit om bescherming te zoeken bij Allaah.” Ik zei: ”O meester! Is ar-Ruqya nuttig?” Hij zei: ”Geen ruqya behalve als het voor het boze oog en de beet van een giftig dier is.” [16]
Tot de formules van bescherming en ar-Ruqya behoort het veelvuldig reciteren van de twee ”beschermende” soera’s (al-Falaq en an-Nas), al-Fatiha, het Troonvers en de formules om bescherming te zoeken die van de Profeet (vrede zij met hem) zijn overgeleverd, waaronder: ”Ik zoek bescherming in de volmaakte woorden van Allaah tegen het kwaad dat Hij geschapen heeft.” ”Ik zoek bescherming in de volmaakte woorden van Allaah tegen elke duivel en giftig dier en tegen elk boos oog.” ”Ik zoek bescherming bij de volmaakte bepalingen van Allaah – waaraan niemand kan ontsnappen, of hij nu verdorven of vroom is – tegen het kwaad van wat Hij geschapen, gevormd en verwezenlijkt heeft, tegen het kwaad van wat uit de hemel neerdaalt, tegen het kwaad dat ernaar opstijgt, tegen het kwaad van wat op aarde gezaaid is, tegen het kwaad van wat eruit voortkomt, tegen het kwaad van de beproevingen van de nacht en de dag, en tegen het kwaad van elke persoon die aan de deur klopt, behalve als hij komt voor iets goeds, o Meest Barmhartige.” ”Ik zoek bescherming in de volmaakte woorden van Allaah tegen Zijn woede, [Zijn bestraffing], het kwaad van Zijn schepselen, de influisteringen van de duivels en hun aanwezigheid aan mijn zijde.” ”O Allaah! Ik zoek mijn bescherming bij Uw Edele Aangezicht en Uw volmaakte woorden tegen het kwaad van wat U bij de voorhoofdslok grijpt. O Allaah! U bent Degene Die de zonde en de schulden doet verdwijnen. O Allaah! Uw legers kunnen niet overheerst worden en Uw belofte kan niet tegengehouden worden, geprezen en verheerlijkt bent U en alle lof zij U!” ”Ik zoek bescherming bij Allaah, de Geweldige, voor Wie niets groter is, Zijn volmaakte woorden, die noch de vrome noch de verdorven persoon kunnen overschrijden, en Zijn Schone Namen – deze die ik ken en deze die ik niet ken – tegen het kwaad van wat Hij geschapen, gevormd en verwezenlijkt heeft en tegen het kwaad van elke persoon van wie ik het kwaad niet kan verdragen, en tegen het kwaad van elke slechte persoon die U bij zijn voorhoofdslok houdt. Mijn Heer bevindt Zich zeker op een rechte weg.” ”O Allaah! U bent mijn Heer, niets of niemand is het waard om aanbeden te worden behalve U, in U plaats ik mijn vertrouwen, U bent de Heer van de verheven Troon. Wat Allaah wil, is, en wat Hij niet wil, is niet. Er is geen kracht noch macht dan bij Allaah. Ik weet dat Allaah bekwaam is tot alles en dat Hij alles omvat met Zijn kennis, Hij somt alles op. O Allaah! Ik zoek bescherming bij U tegen het kwaad van mijn ziel, het kwaad van satan en zijn polytheïsme en het kwaad van elk rijdier dat U bij zijn voorhoofdslok houdt. Mijn Heer bevindt Zich zeker op een rechte weg.”
Je kunt ook deze smeekbede (dua) zeggen:
”Ik zoek bescherming bij Allaah, behalve Wie er geen godheid het waard is om aanbeden te worden. Ik zoek mijn toevlucht bij mijn Heer en de Heer van alle zaken, ik plaats mijn vertrouwen in de Levende Die niet sterft en ik weer het kwaad af zonder kracht of macht dan bij Allaah. Allaah is voldoende voor mij en wat een goede waker is Hij. Mijn Heer is voldoende voor mij tegenover de dienaren, mijn Schepper is voldoende voor mij tegenover de schepselen, Degene Die voorziet in de levensvoorzieningen is voldoende voor mij tegenover degenen aan wie dit geschonken wordt, Degene Die voldoende is voor mij, is voldoende voor mij. Degene Die de Heerschappij heeft over alle zaken, Hij biedt een toevlucht en niemand kan een toevlucht bieden tegenover Hem, Allaah is voldoende voor mij en dat is voldoende. Allaah hoort degene die Hem aanroept en er is behalve Allaah geen enkel doel. Allaah is voldoende voor mij, er is geen godheid die het waard is om aanbeden te worden dan Hij, ik plaats mijn vertrouwen in Hem en Hij is de Heer van de verheven Troon.”
Wie deze smeekbeden en beschermingsformules uitprobeert, zal merken dat ze nuttig en absoluut noodzakelijk zijn. Ze verhinderen namelijk dat het boze oog zijn doel bereikt. En als het toch zijn doel bereikt, weren ze het af, afhankelijk van het geloof van degene die ze uitspreekt, de kracht van zijn ziel, zijn bereidheid, zijn vertrouwen in Allaah en de standvastigheid van zijn hart. Ze zijn een wapen, en een wapen is afhankelijk van degene die het draagt.
Als degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog, vreest dat hij de beoogde persoon zal schaden, moet hij zijn kwaad verdrijven door te zeggen: ”O Allaah, schenk hem Uw zegening.” Zo zei de Profeet (vrede zij met hem) tegen ‘Amir Ibn Rabi’a toen hij Sahl Ibn Hunayf met het boze oog trof: ”Waarom heb je niet om de zegening van Allaah gevraagd?” Dit betekent: waarom heb je niet gezegd: ”O Allaah, schenk hem Uw zegening”?
Een van de zaken die de effecten van het boze oog verdrijven, is zeggen: ”Wat Allaah heeft gewild, er is geen kracht noch macht dan bij Allaah.” Hisham Ibn ‘Urwa levert over van zijn vader dat hij, als hij iets zag wat hem beviel of als hij een van zijn tuinen binnenging, zei: ”Wat Allaah heeft gewild, er is geen kracht noch macht dan bij Allaah.”
Nog een remedie is de Ruqya die Jibril (‘alaihi salam) verrichtte voor de Profeet (vrede zij met hem) en die overgeleverd is door Muslim: ”In de naam van Allaah verdrijf ik alles wat jou kan schaden, al het kwaad dat afkomstig is van de slechte zielen en van het boze oog van de jaloerse personen. Moge Allaah je genezen. In de naam van Allaah, ik verdrijf [elk kwaad dat jou treft].” [17]
Een groep vrome voorgangers was van mening dat je Koranverzen mocht schrijven, om ze daarna te laten opdrinken [nadat het blad in water werd ondergedompeld] door degene die getroffen is door het boze oog. Mujahid zei: ”Het kan geen kwaad om Koranverzen te schrijven, om dit geschrift vervolgens in water onder te dompelen en de zieke van dit water te laten drinken.” Hetzelfde wordt overgeleverd van Abu Qilaba. Er wordt overgeleverd dat Ibn ‘Abbas beval om voor een vrouw met een moeilijke bevalling Koranverzen op te schrijven. Die werden in water gespoeld, ze werd met dit water gewassen en ze moest ervan drinken. Ayyub levert over: ”Ik heb gezien hoe Abu Qilaba Koranverzen schreef, dit vervolgens met water afspoelde en het water liet drinken door een lijdende man.”
Ook krijgt degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog, het bevel om zijn lichaamsplooien, zijn ledematen en de binnenkant van zijn lendendoek te wassen. Over dit laatste bestaan twee meningen:
De eerste is dat het om de geslachtsdelen gaat. De tweede is dat het gaat om de binnenkant van zijn lendendoek, die zijn lichaam aan de rechterzijde raakt.
Daarna wordt het water in één keer van achteren over het hoofd van de getroffen man gegoten. Dat is iets wat de remedies van de artsen niet kunnen bereiken. Het zal geen nut hebben voor degene die het ontkent, ermee spot, eraan twijfelt of het uitprobeert zonder te geloven dat het hem zal helpen.
Misschien zitten er in de natuurlijke aard eigenschappen waarvan de artsen de oorzaken helemaal niet kennen en die zelfs het begrip te boven gaan. Toch ontkennen de atheïsten en de onwetenden onder hen de eigenschappen van de Wetgeving, terwijl het gezond verstand de behandeling met dit wassen erkent en de gegrondheid ervan toegeeft. Weet echter dat het tegengif van het slangengif in zijn eigen vlees schuilt. De remedie tegen de invloed van de dolle ziel schuilt in het bedaren van haar woede en het doven van haar vuur: je legt je hand op die persoon en wrijft over hem, om zo zijn woede te doen bedaren. Het is als een man die een brandende toorts naar jou wil gooien, maar jij giet er water over terwijl hij hem nog in de hand houdt, tot hij uitgedoofd is. Daarom krijgt degene die aan de oorsprong van het boze oog ligt, het bevel om te zeggen: ”O Allaah, schenk hem Uw zegening.” Zo weert hij deze slechte natuurlijke aard af door de smeekbede, die goed is voor degene die door het boze oog getroffen wordt. De remedie voor iets schuilt namelijk in het tegenovergestelde ervan.
Deze slechte natuurlijke aard verschijnt op de fijnste plaatsen van het lichaam, omdat ze erin probeert te dringen. Ze vindt geen fijnere plaats dan de lichaamsplooien en de binnenkant van de lendendoek, vooral als dit op de intieme delen wijst. Als je deze plaatsen wast, verdwijnen hun invloed en hun effecten. Bovendien zijn deze plaatsen eigen aan de duivelse geesten. Het belangrijkste is dat, wanneer je ze met water wast, dit vuur gedoofd wordt en het gif verdwijnt.
Daarnaast heeft het wassen ook een effect op het hart, via de fijnste en meest doordringbare plaats van alle plaatsen. Zo doodt het dit vuur en dit gif met water. Daardoor geneest de persoon die getroffen is door het boze oog, net zoals wanneer je een giftig dier doodt nadat het gebeten heeft. De effecten ervan op het slachtoffer nemen dan af en het slachtoffer komt tot rust, want de ziel van het dier versterkt het effect van het gif en de komst ervan bij het slachtoffer. Als het dier gedood wordt, neemt de pijn af. Dit is zo gebleken, ook al komt het ook door de vreugde en blijdschap van het slachtoffer als hij zijn vijand ziet sterven. Dat maakt de natuurlijke aard sterker tegen de pijn en verdrijft die pijn.
Samengevat: het wassen van de persoon die aan de oorsprong ligt van het boze oog, laat de natuurlijke aard die van hem uitgaat verdwijnen. Dit is echter alleen nuttig als zijn ziel zich aanpast aan deze werkwijze. Als er gevraagd wordt: de gegrondheid van het wassen is gebleken, maar wat is de gegrondheid van het gieten van dit water over de getroffen persoon? Dan antwoorden we: dit is erg geschikt. Het water heeft deze vurige aard gedoofd en deze slechte toestand bij de verrichter doen verdwijnen. Zoals dit water het bij de verrichter heeft uitgedoofd, zal het dit ook op de getroffen plaats uitdoven, nadat het de verrichter heeft geraakt. Water waarmee verhit ijzer wordt uitgedoofd, wordt gebruikt in verschillende natuurlijke remedies die artsen vermelden. Het is dus niet vreemd dat je datgene waarmee je de vurige aard bij degene die aan de oorsprong ligt van het boze oog gedoofd hebt, gebruikt in een remedie die geschikt is voor deze kwaal.
Over het algemeen verhoudt de geneeskunde van de naturalisten en hun behandeling zich tot de Profetische behandeling zoals hun geneeskunde zich verhoudt tot de gewone remedies, of zelfs minder. Het verschil tussen hen en de profeten is namelijk op een onvoorstelbare manier veel groter dan het verschil tussen hen en de aanhangers van de gewone remedies. Zo is het broederschapsverbond tussen de wijsheid en de wet jou duidelijk geworden, evenals het feit dat de ene nooit in strijd is met de andere. Het is Allaah Die leidt wie Hij wil naar wat juist is, en Hij opent alle deuren voor degene die onophoudelijk aan de deur van het succes klopt. Hij bezit de overvloedige gunsten en de welsprekende argumenten.
Een van de remedies en manieren om je hiertegen te wapenen, is het verbergen van de schoonheid van degene voor wie je het boze oog vreest, met alles wat het van hem afhoudt, zoals al-Baghawi heeft vermeld in Sharh as-Sunna: ” ‘Uthman (RadhiAllaahu ‘anhu) zag een mooie jongen en zei: ”Maak de kuiltjes in zijn wangen zwart, zodat hij niet getroffen wordt door het boze oog.””
Al-Khattabi heeft in Gharib al-Hadith gezegd: ” ‘Uthman (radiAllahu ‘anhu) zag een jongen die getroffen werd door het boze oog en zei: ”Maak de kuiltjes in zijn wangen zwart.” In verband hiermee vinden we ook de hadith van ‘A’isha (radiAllahu ‘anha) die overlevert dat de Boodschapper van Allaah (vrede zij met hem) op een dag een preek gaf en een zwarte tulband op zijn hoofd droeg. [18]
En daarom zei een dichter over het boze oog:
Hoe erg heeft de volmaakte man noodAan een gebrek dat hem beschermt tegen het boze oog
Nog iets wat het boze oog afweert, is wat Abu ‘Abd Allah as-Saji vermeldt. Hij vertelt dat hij voor de bedevaart of een expeditie op reis was, op een beweeglijke kameel. Een van zijn reisgezellen was een man die aan de oorsprong lag van het boze oog; hij keek heel vaak naar iets en tastte het dan aan. Abu ‘Abd Allah kreeg de raad om zijn kameel bij deze man weg te houden, maar hij antwoordde: ”Hij kan mijn kameel niets doen.” Toen werd deze man ingelicht over wat hij gezegd had. Hij wachtte dus op een moment dat Abu ‘Abd Allah afwezig was, naderde de kameel en keek naar het dier. Het begon te schudden en viel op de grond. Abu ‘Abd Allah kwam terug en ze vertelden hem dat de man de kameel met het boze oog had getroffen en dat ze daarom zo lag, zoals hij haar zag. Hij zei: ”Toon me hem!” Hij werd hem getoond, hij ging voor hem staan en zei: ”In de naam van Allaah, een onneembare gevangenis, een harde steen, een brandende vallende ster. Ik stuur het boze oog terug naar degene die ervan aan de oorsprong lag en ook naar degenen die hem het dierbaarst zijn.”
Allaah (Subhana wa Ta’ala) zegt:
[Kijk dan nog een keer, zie je een afwijking? Kijk dan nog eens tweemaal: je zult je ogen nederig neerslaan, terwijl ze vermoeid zijn.] [19]
Op dat moment welden de twee pupillen van de verrichter van het boze oog op, en de kameel stond op zonder aan enige kwaal te lijden.
Bronvermeldingen, notities van: Behandeling van het Boze Oog:
[1] Muslim (2188)[2] Om duidelijk te blijven, zullen we de term ar-Ruqya behouden. Dit betekent een behandeling met Koranrecitatie, gedenkingsformules en smeekbeden die in dat opzicht werden overgeleverd.[3] Muslim (2196)[4] Sahieh Abu Dawud (3880)[5] Sahieh Al-Boekhari (5738) en Muslim (2195)[6] As-Sahiha (1252)[7] Sahih Ibn Maja (2844)[8] Al-Muwatta’ (2/938), authentiek verklaard door al-Arna’ut[9] ‘Abd ar-Razzaq in Al-Musannaf, authentiek verklaard door al-Arna’ut[10] Sahieh Al-Boekhari (5739) en Muslim (2197).[11] As-Sahiha (1249)[12] Sahih at-Tirmidhi (2058)[13] Sahieh Al-Boekhari (32979) en Muslim (2233).[14] Koran, S. al-Qalam, v. 51.[15] Koran, S. al-Falaq, v. 1-5[16] Abu Dawud (3888). De overleveringsketen van deze hadith is zwak.[17] Muslim (2185)[18] Al-Arna’ut zegt dat de hadith niet voorkomt in de Musnad van ‘A’isha zoals de auteur heeft beweerd, maar dat er veel andere authentieke hadith gevonden worden die vermelden dat de Profeet (SalAllaahu ‘Alaihi wa sallam) een zwarte tulband droeg.[19] Koran, S. al-Mulk, v. 3-4
Opmerking: De informatie op onze site is enkel ter informatie en vervangt niet het advies van een arts of apotheker. Raadpleeg bij ziekte, twijfel of gebruik van geneesmiddelen altijd je arts.Verder raden wij iedereen die geïnteresseerd is in meer informatie over ar-Ruqya, het boze oog of welke vorm van ziekte dan ook, het boek aan van de broeder van Soennah Dokter (De handleiding tegen sihr, bezetenheid en het boze oog). Je kunt het downloaden via de volgende link: http://soennah-dokter.nl/wp-content/uploads/2016/07/De-handleiding-tegen-sihr-bezetenheid-en-het-boze-oog-1.pdf